Stadsdichter heeft de buik vol van woorden

Via Judy Huys van Bibliotheek Charlois kreeg Renee van Oosterom coördinator stadsdichter, kwam het volgende bericht: ‘ Stadsdichter Ester Naomi Perquin presenteert haar nieuwe project! Op 2 november om 10.00 uur overhandigt zij het eerste exemplaar van een tas met daarop haar gedicht Afgemeten aan Clara Sies, directeur van de Voedselbank. Plaats van handeling is de vestiging van Bakkerij Klootwijk aan de Slinge 580 te Rotterdam.’
Stadsdichter heeft de buik vol van woorden

Via Judy Huys van Bibliotheek Charlois kreeg Renee van Oosterom, coördinator stadsdichter, het emailadres van de redactie van deze website. Zij willen het volgende onder de aandacht brengen: Ik wil je hierbij van harte uitnodigen voor de start van het volgende project van stadsdichter Ester Naomi Perquin, a.s woensdag 2 november om 10.00 uur.

Stadsdichter Ester Naomi Perquin presenteert haar nieuwe project! Op 2 november om 10.00 uur overhandigt zij het eerste exemplaar van een tas met daarop haar gedicht Afgemeten aan Clara Sies, directeur van de Voedselbank. Plaats van handeling is de vestiging van Bakkerij Klootwijk aan de Slinge 580 te Rotterdam.

Zie persbericht hieronder.

Het nieuwe gedicht dat de Rotterdamse stadsdichter Ester Naomi Perquin de komende weken de stad in stuurt, had ze eigenlijk liever niet geschreven. Want het gedicht werd speciaal gemaakt voor de cliëntele van de Voedselbank Rotterdam: de enige bank ter wereld die hoopt op mínder klanten en die de afgelopen jaren helaas alleen maar groter werd. Het gedicht vraagt aandacht voor de honderden Rotterdammers die ‘leven van water en lucht’. Een groep die maar al te gemakkelijk onzichtbaar blijft.

Over het project:

Afgemeten voor Voedselbank

In Rotterdam zijn iedere week meer dan 2800 huishoudens afhankelijk van de voedselbank.
Vaak betreft het gezinnen die leven onder de armoedegrens en niet of nauwelijks in staat zijn een maaltijd op tafel te zetten. Gewone Rotterdammers dus, die hun baan kwijt zijn geraakt of op een andere manier in de problemen zijn gekomen. Speciaal voor hen schreef Perquin het gedicht Afgemeten. Clara Sies, oprichter en stuwende kracht achter de voedselbank, werd meteen gegrepen door het gedicht. ‘Zo is het precies,’ zei ze. Er werd al gauw besloten tot een samenwerking, om het gedicht én de bijbehorende boodschap zo breed mogelijk onder de aandacht te brengen. Toen vervolgens Bakkerij Klootwijk en het eveneens Rotterdamse Dutraco Promotional Products bereid bleken hun medewerking te verlenen kon het project van start gaan. Het gedicht wordt op 12.000 tassen verspreid door bakkerijketen Klootwijk. Wie in een van de 32 vestigingen van Klootwijk in Rotterdam, Barendrecht, Capelle a/d IJssel, Oud-Beijerland en Rhoon op woensdagen meedoet aan de 3-broden-voor-de-prijs-van-2 actie, krijgt de tas er gratis bij. De Stadsdichter roept bovendien op de voedselbank te steunen. Dit onder het motto: ‘Heeft u ook de buik vol van woorden? Stel dan daden.’

Over de voedselbank:

In 2002 zijn Sjaak en Clara Sies begonnen met het ondersteunen van 30 gezinnen in Rotterdam. Sindsdien is de Voedselbank uitgegroeid tot een landelijk netwerk van meer dan honderd plaatselijke voedselbanken. De Voedselbank wil mensen ondersteunen die tijdelijk niet kunnen rondkomen. Elke week zamelen ze voedsel in dat over is en anders weggegooid zou worden. Zij vullen hiermee duizenden kratten en delen die uit aan alle klanten van de Voedselbank. Hulp van de Voedselbank is van tijdelijke aard, met een maximum van drie jaar. Dit is dezelfde termijn die gehanteerd wordt in een schuldsaneringtraject. Het verloop in het klantenbestand is dan ook groot. Alleen hulpverlenende instanties kunnen nieuwe klanten aanmelden. Door de economische crisis neemt het aantal mensen dat een beroep moet doen op de voedselbank alleen maar toe. De Voedselbank draait helemaal op vrijwilligers en giften.

Over de stadsdichter:

Ester Naomi Perquin wil graag aandacht besteden aan de veelzijdigheid en variatie die Rotterdam eigen is en daarbij de minder zichtbare kanten van de stad voor het voetlicht brengen. Bij haar aantreden kondigde ze aan:‘Ik hou van onverwachte ontmoetingen. Van poëzie waar niemand poëzie verwacht. Ik wil gedichten voor kinderen en voor gehaaste reizigers, voor verliefde paartjes die slenteren langs de Maas en voor oude heren in verpleegtehuizen. Tijdens mijn stadsdichterschap zal ik daarom vooral op zoek gaan naar verrassingen. Rotterdam is daar dé stad voor.’ En die belofte is ze nagekomen. Zo schreef ze al een gedicht voor jongeren over zoenen in het donker, dat op een hangplek onder een viaduct aan de Coolhaven is aangebracht; een gedicht voor kinderen over ijsbeertje Vicks dat in diergaarde Blijdorp werd geboren en een gedicht voor reizigers verscheen metersgroot op het tijdelijke stationsgebouw van Rotterdam CS. En nu is er dan dit gedicht. Voor een nog altijd groeiende groep Rotterdammers, voor wie gebrek de dagelijkse realiteit is – en voor hun kinderen.

Het gedicht:

Afgemeten

Er woont een vrouw in de stad, levend van water
en lucht. Ze draagt haar lege tassen door
de straten. Thuis schikt ze gaten op
schalen, dan lijkt het nog wat.

Haar zoons dromen ‘s nachts van trommels vol
en bakken over. Van versgebakken brood
en kommen rijst, van pannen tot de rand
gevuld en nooit meer stop met eten
stop nou toch, straks raakt
de hele week nog op.

En altijd weet ze nog iets op te vullen, om te keren,
hergebruikt ze de dagen en oefent zich trager
te verteren, draait ze klokken terug.

Steeds bezig riemen aan te halen. Altijd zegels,
flessen, bonnen sparend, restjes van
restjes zorgvuldig bewarend.
Levend van water en lucht.