Vogels voeren in de winter

Vogels voeren in de winter: wat is goed en wat niet?
Vogels voeren in de winter: wat is goed? Onderstaande informatie is afkomstig van Vogelklas Karel Schot:

Als de winterpret losbarst voor mensen, merken vogels de nadelen van ijs en sneeuw. Ze hebben moeite om voldoende voedsel te bereiken, terwijl ze juist nu extra voeding nodig hebben om hun lichaamstemperatuur op peil te houden. Hoewel de meeste vogels handig genoeg zijn om zich enige tijd te redden, kan lang aanhoudende vrieskou toch voor flinke problemen zorgen, vooral in het stedelijk gebied. Stichting Vogelklas Karel Schot in Rotterdam merkt de toenemende voedselnood snel op wanneer de eerste vermagerde slachtoffers worden binnengebracht.

Iedereen kan vogels in deze moeilijke periode helpen door wat extra voedsel te verstrekken. Het bijvoeren van vogels in de winter dient wel met zorg gedaan te worden. Onzorgvuldig voeren kan voor vogels tot gevaarlijke situaties leiden.

Wat kunt u doen?
Voor de vogels in uw tuin kunt u eenvoudig een vetbol ophangen, of een voedertafel of –huisje opzetten met voedermengsels van de dierenwinkel of eventueel meelwormen, kleine stukjes bruin brood en gehalveerde appels en peren. Zorg ervoor dat de voederplaats beschut staat en overzichtelijk is, zodat de vogels vijanden tijdig zien aankomen en kunnen vluchten. Houd de voederplaats schoon om de verspreiding van ziekten te voorkomen en laat voer niet te lang liggen, zodat het niet bederft.

Voor de watervogels buiten in de sloot zijn bruin brood, gemengde granen of ander kippenvoer, gesneden andijvie, boerenkool en appel heel geschikt. Het is verstandig niet méér te voeren dan de vogels direct op kunnen, zodat voedsel niet te lang blijft liggen. Blauwe reigers kunt u helpen door rauwe vis en eendagskuikens te voeren.

Als het streng vriest kunt u drinkbakjes met water neerzetten. Door er een schepje druivensuiker in te doen, bevriest het water minder snel. Wees hier niet te scheutig mee, want al te zoet water geeft de vogels juist meer dorst. Ververs ze regelmatig en waak ervoor dat de vogels er niet in baden, omdat ze dan kunnen bevriezen. Voor eenden en meerkoeten is het juist wel belangrijk dat ze kunnen blijven baden. U kunt ze hierbij helpen door wakken te slaan en open te houden. Let daarbij altijd op uw eigen veiligheid en die van anderen.

Wat kunt u beter niet doen?
Strooi bij het voeren van watervogels het voedsel niet in het water. Het water in het wak vervuilt daardoor en de vogels worden ook vies. Met een besmeurd verenkleed kunnen de vogels sterven door onderkoeling. Witbrood kan voor verstoppingen bij vogels zorgen en is dus niet geschikt. Boter en margarine zijn eveneens uit den boze, omdat de vogels er makkelijk besmeurd door raken. Ook gezouten of gekruid voedsel is niet geschikt voor vogels. Zij kunnen er niet goed tegen of raken uitgedroogd. Tenslotte is het zaak het bijvoeren te stoppen zodra de vogels weer zelfstandig voldoende voedsel kunnen vinden.

Een handje helpen in de Vogelklas?
Nieuwe vrijwilligers zijn altijd welkom. Interesse? Neem dan contact op met Monique de Vrijer van de Vogelklas op 010-4857847 of via info@vogelklas.nl. Zie ook hun website.