Het einde van bejaardencentrum Valckensteyn

HET EINDE VAN BEJAARDENCENTRUM VALCKENSTEYN

Aan het begin van dit jaar is het bejaardencentrum Valckensteyn in Pendrecht afgebroken. De spectaculaire sloop van het veertien verdiepingen tellende gebouw betekende het roemloze einde van een icoon dat amper 40 jaar geleden de trots van de wijk was.

KORTE HISTORIE
De geschiedenis van Valckensteyn begint in 1966 want in dat jaar zijn de eerste gesprekken over de mogelijke bouw en exploitatie van een bejaardencentrum in Pendrecht. Het initiatief kwam van woningbouwcorporatie Onze Woongemeenschap (OWG) en men had zelfs al een plek op het oog, namelijk een stuk grond langs de Burghsluissingel. Hier lag echter een militair kamp dat zelfs de status van NAVO-gebied (!) had. Gelukkig zou het kamp spoedig worden ontruimd en kon men over de grond beschikken. Architect J. Kranendonk maakte het ontwerp voor Valckensteyn, hij zorgde er voor dat het geen strak rechthoekig gebouw zou worden. Dat er in Pendrecht grote behoefte was aan een bejaardencentrum bleek wel uit het feit dat velen zich al wilden laten inschrijven vóórdat de eerste paal was geslagen!

Op 18 oktober 1968 ging de eerste paal de grond in, voor de bouw werd een geldlening van 10½ miljoen gulden afgesloten. Het bejaardencentrum is vernoemd naar een kasteel in de buurt van Rhoon dat kort na 1826 is afgebroken. Een zgn. kloostermop van het “oude” Valckensteyn zou meer dan 100 jaar later een plaatsje krijgen in het “nieuwe” Valckensteyn.
Een bijzondere gebeurtenis was de eerstesteenlegging op 29 mei 1969 door wethouder Reehorst, in aanwezigheid van zo’n 300 genodigden waaronder de heer J. Bouma, de voorzitter van OWG die later directeur van Valckensteyn zou worden. De eerste steen, aangebracht in de centrale hal, bestaat uit een kloostermop van het oude Valckensteyn met daaronder de tekst: OVD GEMETSELD IN NIEVW, BRVG TVSSEN VROEGER EN NV: EEN STEEN VAN HET OVDE VALCKENSTEYN, DE EERSTE VAN HET NIEVWE. 29 MEI 1969. Op 1 mei 1971 werd het bejaardencentrum officieel geopend, het was toen het hoogste gebouw van Pendrecht. Tegelijk met Valckensteyn zijn de eengezinswoningen aan de overkant en de drive-in woningen aan de Abbenbroekweg gebouwd.

[bovenste foto] Valckensteyn bestaat eigenlijk uit twee flats van verschillende hoogte die enigszins verspringend in elkaar zijn geschoven: een noordvleugel van 10 verdiepingen en een zuidvleugel van 14 verdiepingen. Midden in het complex is op iedere verdieping een hal waaraan de twee liften en het trappenhuis grenzen, vanuit deze hal loopt in twee richtingen de gang (corridor) waaraan de woningen liggen. Aan het einde van iedere gang is een trappenhuis dat als vluchtweg bij brand bedoeld is, deze trappenhuizen bevinden zich aan de kopse kanten van het gebouw.
Het verzorgingsgedeelte is op de eerste t/m de derde verdieping; er zijn 93 verzorgingskamers waarvan er 10 zijn bedoeld voor echtparen. Een verzorgingskamer is eigenlijk niets meer dan een éénkamerwoning met een oppervlakte van nog geen 22 m2, de kamers voor echtparen hebben als extra een aparte slaapkamer. Verder zijn er enkele kamers voor groepsverzorging, in totaal zijn er 120 bedden.
Op de vierde t/m de veertiende verdieping zijn de flats voor zelfstandige bewoning, in totaal zijn er 201 woningen die zowel door alleenstaanden als door echtparen kunnen worden bewoond. Het zijn tweekamerwoningen die qua oppervlakte twee keer zo groot zijn dan een verzorgingskamer. De woonkamer en de slaapkamer liggen aan een balkon dat over de volle lengte van het huis loopt.
Op de begane grond zijn de algemene ruimtes waaronder de grootkeuken, er is een aparte etenslift om de maaltijden naar de verzorgingskamers te brengen. Aan de achterkant is de grote recreatiezaal met een buitenterras, de zaal zelf is een uitbouw met aan drie kanten glas. Valckensteyn had in de beginjaren zelfs een eigen radiostudio, in ieder huis zit een radioaansluiting met een kanaalkiezer. Alle verzorgingskamers en zelfstandige woningen zijn aangesloten op een alarminstallatie.

Vanaf de Burghsluissingel loopt er een straatje langs het gebouw zodat auto’s vlak voor de ingang kunnen stoppen om iemand af te zetten of op te pikken. Vóór de ingang, aan de overkant van het straatje, staat een stenen fietsenstalling met daaraan vast een transformatorhuisje en een ruimte voor de gasmeter, op de muur aan de voorkant staat met grote letters de naam van het bejaardencentrum.
Het bejaardencentrum ligt aan de zuidrand van Pendrecht in een mooie omgeving met veel groen en water. Aan de kant van de Nieuw-Vossemeerweg is een parkeerplaats voor bezoekers en achter de vlakbij gelegen bushalte is een groot rond plein met bankjes waar de bewoners rustig kunnen zitten (nou ja rustig, op een steenworp afstand denderden toen nog de treinen over de Havenspoorlijn voorbij…). Ter gelegenheid van het éénjarig bestaan van Valckensteyn onthulde burgemeester Wim Thomassen op 1 mei 1972 het beeld van een Potsenmaker dat tot 1988 het pleintje sierde. Het beeld bleek te zijn gestolen en als vervanging werd in 1993 het beeld Beertje onthuld op het grasveld voor Valckensteyn.

OP WEG NAAR HET EINDE
Valckensteyn voorziet in een grote behoefte maar al in de negentiger jaren van de vorige eeuw pakken de eerste donkere wolken zich samen: de geruchten over de mogelijke sluiting van de verzorgingsafdeling worden steeds sterker. Maar rond de eeuwwisseling gebeurt dat toch en daarmee is eigenlijk het lot van Valckensteyn bezegeld.
Ook de Nieuwe Unie, de opvolger van OWG, zit met Valckensteyn in zijn maag. Het gebouw gaat steeds meer gebreken vertonen maar een grondige renovatie is te duur, wel worden de buitenkozijnen vervangen. Een ander bezwaar is de afgelegen ligging van Valckensteyn, ver van de winkels en andere wijkvoorzieningen. De kleine woninkjes worden steeds moeilijker verhuurbaar en uiteindelijk komen er verslaafden in de leeggekomen appartementen. De gevoelens van onveiligheid onder de ouderen nemen toe, ook omdat iedereen zo het gebouw in en uit kan lopen.
De leefbaarheid in Valckensteyn gaat nu hard achteruit wat in 2001 zelfs tot schriftelijke vragen van de SP aan het deelgemeentebestuur leidt. Toch duurt het nog enkele jaren voordat het definitieve besluit valt om Valckensteyn te slopen en in 2007 begint het uitverhuizen van de bewoners. Uiteindelijk is het Kinder Service Hotel de laatste huurder van het pand, zij gebruiken de begane grond en een deel van de eerste etage terwijl op de overige verdiepingen de asbestsanering al begint.

In maart 2011 was ik in de gelegenheid om Valckensteyn van binnen te bekijken. Alle woningen stonden toen al leeg en het was een vreemde ervaring om door het gebouw te lopen dat ooit de trots van Pendrecht was. Ik heb er twee dagdelen doorgebracht en honderden foto’s gemaakt. Al eerder had ik in een gesprek met Woonstad Rotterdam aangegeven dat naar mijn mening de eerste steen in de hal en het beeld Beertje voor de wijk behouden moeten blijven.

DE SLUITING
Op 31 augustus 2011 wordt Valckensteyn officieel gesloten, 40 jaar en 4 maanden na de feestelijke opening. De laatste gebruiker, het Kinder Service Hotel, verlaat het pand en de kinderen starten symbolisch de sloop door een muurtje van kartonnen dozen plat te trappen. Ook wordt de historische eerste steen overgedragen aan het Pendrecht Museum, het beeld Beertje wordt kort daarna opgeslagen op de parkeerplaats en op 28 september verschijnen de sloophekken rondom Valckensteyn. In oktober kwam het ontstellende bericht dat het beeld Beertje is gestolen door koperdieven, het beeldje trof dus hetzelfde lot als zijn voorganger.
Als voorbereiding op de sloop wordt het gebouw van binnen gestript en in november begint men met het verwijderen van de raamkozijnen. De sloop zelf zal spectaculair worden want hiervoor wordt een sloopkraan ingezet die tot de grootste in Nederland behoort, aan het uiteinde zit een happer die moeiteloos door steen, ijzer en beton kan knippen. Het was de bedoeling dat Valckensteyn vóór 2012 weg zou zijn maar doordat de verbouwing van het nieuwe onderkomen van het Kinder Service Hotel vertraging opliep bleek dat niet haalbaar.

DE SLOOP
[onderste foto] Begin februari 2012 wordt het sloopmaterieel aangevoerd en op die koude maandag 6 februari start de sloop. Om 8 uur ‘s morgens komt de grote kraan in beweging en het balkonhek van huis nummer 478 is het eerste wat door de happer wordt verbrijzeld. De slopers zijn begonnen aan de zuidkant en werken in de richting van de Abbenbroekweg, regelmatig wordt er ‘s avonds doorgewerkt en behalve de sloopkraan zijn er meerdere bulldozers actief die het puin verwerken. Een speciale machine haalt het betonijzer er uit en alles wordt gescheiden afgevoerd. De afbraak trekt veel belangstellenden: dagelijks staan er mensen te kijken, al dan niet fotograferend of filmend. Iedere dag ging ik aan het einde van de middag kijken hoe ver de slopers waren, in die periode heb ik ruim 500 foto’s gemaakt.

Op 15 maart 2012, bijna zes weken na het begin van de sloop, wordt het laatste stukje muur neergehaald en bestaat Valckensteyn niet meer. Het duurt dan nog bijna een maand voordat de fundering uit de grond is en al het puin is afgevoerd. Een heel klein stukje van Valckensteyn blijft voorlopig nog staan: het transformatorhuisje aan de voorkant voorziet namelijk ook de omliggende woningen van stroom. Het terrein en de vroegere parkeerplaats worden met gras ingezaaid, begin juni verdwijnen de sloophekken.
Wie nu ter plekke gaat kijken kan zich nauwelijks voorstellen dat hier een flatgebouw van 14 verdiepingen heeft gestaan, voor veel Pendrechtenaren is het nog steeds onwezenlijk dat Valckensteyn er niet meer is.

Met de sloop van Valckensteyn is Pendrecht een icoon kwijtgeraakt, iedereen in de wijk kende het gebouw. Valckensteyn hóórde bij Pendrecht en straalde iets uit. Ondanks de hoogte was het toch een mooi gebouw, gelegen in een groene omgeving. Wanneer je vanuit het zuiden Rotterdam naderde dan was het silhouet van Valckensteyn altijd in de verte te zien. Maar dat is nu voorbij en de locatie aan de Burghsluissingel is meer dan alleen een lege plek. Het destijds zo geroemde bejaardencentrum is voorgoed verleden tijd maar de naam Valckensteyn zal voor altijd aan de geschiedenis van Pendrecht verbonden verblijven.

Mario Bosch